Kijk op de zijkant van je band en zoek naar een klein symbool: een berg met drie pieken en een sneeuwvlok erin. Zie je dat? Dan heb je een winterband. Dit is de betrouwbaarste manier om winterbanden te herkennen, en het antwoord op de vraag zit letterlijk op de band zelf.
Wat staat er op de zijwand van je band?
Op elke band staat informatie ingeprint op de zijwand. Dat noem je de markering. Voor winterbanden zijn er twee symbolen die je kunt tegenkomen.
Het eerste is het 3PMSF-symbool. Dat staat voor “Three Peak Mountain Snow Flake”. Je ziet een bergsilhouet met drie pieken en daarin een sneeuwvlok. Dit symbool betekent dat de band getest en goedgekeurd is voor gebruik in echte winterse omstandigheden. Dit is het officiële keurmerk voor winterbanden.
Het tweede symbool is M+S. Dat staat voor “Mud and Snow”, ofwel modder en sneeuw. Dit symbool zegt alleen dat het profiel geschikt is voor zachtere ondergronden. Het is geen officieel winterkeurmerk. Banden met alleen M+S zijn niet altijd geschikt voor rijden op sneeuw of ijs. Let daar goed op.
Goede winterbanden hebben het 3PMSF-symbool. Banden met alleen M+S zijn niet per se echt winterbanden.
Hoe ziet een winterband eruit van voren?
Naast de zijwand kun je winterbanden ook herkennen aan het loopvlak, het deel van de band dat de weg raakt. Een winterband heeft een ander profiel dan een zomerband.
Bij een winterband zie je veel kleine inkepingen in het profiel. Dit zijn zogenaamde lamellen. Die zorgen voor extra grip op natte, koude en besneeuwde wegen. Ze bijten als het ware in het oppervlak.
De groeven in het profiel zijn bij winterbanden ook breder en dieper dan bij zomerbanden. Daardoor kan sneeuw en water makkelijker wegstromen. Zomerbanden hebben een gladder, strakker profiel met minder inkepingen.
Kijk je naar een winterband van opzij, dan zie je een meer grillig, gegroefd oppervlak. Een zomerband oogt strakker en regelmatiger.
Zo herken je winterbanden stap voor stap
- Bekijk de zijwand van de band. Zoek naar het bergje met sneeuwvlok (3PMSF). Is dat symbool aanwezig? Dan is het een winterband.
- Controleer of er ook M+S staat. Staat er alleen M+S en geen 3PMSF? Dan is de band niet gecertificeerd als echte winterband.
- Kijk naar het loopvlak. Zie je veel kleine inkepingen (lamellen) en brede groeven? Dat wijst op een winterband.
- Vergelijk met een andere band als je twijfelt. Zomerbanden hebben een veel strakker en egaler profiel zonder die kleine sneetjes.
- Bekijk de profieldiepte. Een versleten band, ook al was het een winterband, biedt onvoldoende grip. Zorg dat er genoeg profiel over is.
Wat is het verschil met all-season banden?
All-season banden zijn een tussenvorm. Ze zijn bedoeld voor gebruik het hele jaar door, ook in lichte winteromstandigheden. Je herkent ze ook aan het 3PMSF-symbool, en vrijwel altijd ook aan M+S. Dat betekent dat ze officieel getest zijn voor winterse omstandigheden.
Het profiel van all-season banden lijkt op dat van winterbanden, met lamellen en bredere groeven. Ze zijn minder uitgesproken dan echte winterbanden, maar beter geschikt voor kou dan zomerbanden.
Wil je weten of je op all-season banden rijdt? Check dan de zijwand op zowel het 3PMSF-symbool als de aanduiding “All Season” of “All Weather”. Die tekst staat er bij de meeste all-season banden letterlijk op gedrukt.
Hoeveel profiel moet een winterband nog hebben?
Een nieuwe winterband heeft doorgaans een profieldiepte van rond de acht millimeter. De wettelijke minimumgrens in Nederland is 1,6 millimeter voor alle banden. Maar voor winterbanden geldt in de praktijk dat je al flink aan grip inlevert als de profieldiepte onder de vier millimeter komt. Bij minder profiel verliest de band zijn winterse eigenschappen.
Hoe meet je dat? Gebruik een profielmeter, verkrijgbaar bij elke autowinkel. Je kunt ook het muntentrucje gebruiken: steek een muntstuk in de groef. Is de rand van de munt nog zichtbaar? Dan is het profiel aan de lage kant.
Wanneer is het slim om te wisselen?
Winterbanden zijn bedoeld voor gebruik bij koud weer, ruwweg wanneer de temperatuur structureel onder de zeven graden Celsius komt. Zomerbanden worden bij die temperaturen harder en verliezen grip. Winterbanden blijven juist soepel in de kou.
In Nederland ben je niet wettelijk verplicht om winterbanden te rijden. Maar op gladde wegen kan rijden op de verkeerde banden je aansprakelijk maken bij een ongeluk. Wisselen is dus niet alleen een kwestie van veiligheid, maar ook van verstandig handelen.
Veelgestelde vragen
Hoe herken je winterbanden aan de zijwand?
Winterbanden herken je aan de zijwand door het 3PMSF-symbool: een bergsilhouet met drie pieken en een sneeuwvlok erin. Dat symbool betekent dat de band officieel getest en goedgekeurd is voor winterse omstandigheden. Staat er alleen M+S, dan is de band niet officieel gecertificeerd als winterband.
Zijn M+S banden hetzelfde als winterbanden?
Nee, M+S banden zijn niet hetzelfde als winterbanden. M+S staat voor Mud and Snow en zegt alleen iets over het profiel, niet over gecertificeerde winterprestaties. Echte winterbanden hebben het 3PMSF-symbool. Banden met alleen M+S kunnen voor sommige winterse situaties onvoldoende zijn.
Wat zijn lamellen en waarom zijn ze belangrijk?
Lamellen zijn kleine inkepingen in het loopvlak van een band. Ze zorgen voor extra grip op koude, natte en besneeuwde wegen. Ze bijten in het wegoppervlak en helpen water en sneeuw weg te leiden. Winterbanden hebben veel meer lamellen dan zomerbanden, en dat is een van de makkelijkste manieren om de twee van elkaar te onderscheiden.
Kan ik zelf zien of mijn winterbanden nog voldoende profiel hebben?
Je kunt de profieldiepte van je winterbanden zelf controleren met een profielmeter of via het muntentrucje. Steek een muntstuk in de groef van de band. Is de buitenrand van de munt zichtbaar? Dan is het profiel aan de lage kant. Voor winterbanden geldt dat je al grip verliest onder de vier millimeter profieldiepte, ook al is de wettelijke minimumgrens 1,6 millimeter.